Afwijkingen van hart en bloedvaten

Pas tijdig uw rijbewijs aan!

Heeft u een afwijking van het hart en/of bloedvaten? Dan bent u wettelijk verplicht om uw rijbewijs te laten aanpassen. Anders bent u bij ongevallen niet verzekerd en kunt u strafrechtelijk vervolgd worden. Vermijd onnodige risico’s, download hier uw attest en laat uw rijbewijs aanpassen.

Mijnrijgeschiktheid aandoening afwijkingen hart en bloedvaten

Afwijkingen van het hart en bloedvaten en de gevolgen voor uw rijbewijs

De diagnose van afwijkingen van het hart en/of bloedvaten zoals doorbloedingsstoornissen of ernstige bloeddrukproblemen heeft op verschillende vlakken verregaande gevolgen op uw leven en dat van uw omgeving. Zo ook voor uw rijbewijs.

Bent u gediagnosticeerd met een afwijking van het hart en/of bloedvaten? Dan bent u volgens de wet verplicht om uw rijbewijs te laten aanpassen. Doet u dat niet, dan kan dat nare gevolgen met zich meebrengen.

Rijden zonder aangepast rijbewijs na een diagnose staat volgens de wet namelijk gelijk aan rijden met een ongeldig rijbewijs. Bij een ongeval met een onaangepast rijbewijs zal u dus voor de politierechtbank moeten verschijnen.

De politierechter kan u daar op verschillende manieren strafrechtelijk sanctioneren. U riskeert mogelijk:

  • een geldboete van € 1.600 tot € 16.000;
  • een rijverbod van 8 dagen tot 5 jaar;
  • een gevangenisstraf van 8 dagen tot 2 jaar.

Daar stopt het niet, want naast de strafrechtelijke sancties is het mogelijk dat de verzekering de schade van het ongeval bij u komt verhalen. Deze bedragen zijn niet min, want ze kunnen oplopen tot € 31.000 en in sommige gevallen kan er zelfs sprake zijn van onbeperkte terugvordering.

Afwijkingen van het hart en/of bloedvaten? Dit moet u doen

Bij diagnose van afwijkingen van het hart en/of bloedvaten dient u zo snel mogelijk de volgende twee zaken in orde brengen:

Om een aangepast rijbewijs te verkrijgen, dient u eerst een rijgeschiktheidsattest te laten invullen door uw behandelende arts. Deze zal u doorverwijzen naar een cardioloog voor advies betreffende uw rijgeschiktheid en de geldigheidsduur van uw rijbewijs.

Met dit attest kan u vervolgens bij de bevoegde instantie (de gemeente waar u woont bijvoorbeeld) aankloppen voor de nodige aanpassingen.

Rijbewijs privé en professioneel gebruik

Een aangepast rijbewijs betekent overigens niet dat uw rijbewijs een stempel ‘afwijking van het hart en/of bloedvaten’ krijgt. De aanpassing houdt voornamelijk een beperking van de geldigheidsduur in.

Zowel voor een rijbewijs uit groep 1 (rijbewijs A3, A, B, B+E of G) als een rijbewijs uit groep 2 (rijbewijs C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D of D+E) bepaalt de cardioloog de mate waarin u geschikt bent om te rijden en de geldigheidsduur van uw rijbewijs.

Aan het rijbewijs met vervaldatum hangen enkele voorwaarden vast. U moet als patiënt met afwijkingen van het hart en/of de bloedvaten:

  • onder regelmatig geneeskundig toezicht staan;
  • voldoende inzicht hebben in uw aandoening;
  • blijk geven van een strikte therapietrouw;
  • en het voorgeschreven behandelingsplan nauwgezet volgen.

Meer weten over een rijbewijs voor privé of professioneel gebruik? Klik hier voor meer informatie.

Goed om te weten

Het is niet nodig om na diagnose van een afwijking van het hart en/of de bloedvaten opnieuw uw rijexamen af te leggen. Een cardioloog stelt vast in welke mate u medisch gezien geschikt bent om te rijden.

Als patiënt met een afwijking van het hart en/of bloedvaten kan u rijgeschikt worden verklaard indien u:

  • lichte tot matige klachten vertoont als gevolg van chronisch hartfalen bij gewone of lichte inspanning, kransvatlijden, cardiomyopathie, een aangeboren of verworven klepafwijking (al dan niet met een prothese), een aangeboren of verworven gebrek van het hart.
  • minstens één maand wacht wanneer u een pacemaker kreeg ingeplant of de pacemaker elektrode werd vervangen. Indien alleen de pacemaker werd vervangen kan uw cardioloog u meteen rijgeschikt verklaren. Voor een rijbewijs groep 2 gaat dat pas ten vroegste na twee weken.
  • als drager van een pacemaker het behandelingsplan van uw cardioloog strikt opvolgt.
  • minstens één maand wacht wanneer u om preventieve redenen een defibrillator kreeg ingeplant zonder dat u een hartstilstand heeft gehad.
  • minstens drie maanden wacht wanneer u een defibrillator kreeg ingeplant na een hartstilstand.
  • uw defibrillator alleen heeft laten vervangen, kan u onmiddellijk rijgeschikt verklaard worden.
  • minstens drie maanden wacht wanneer uw defibrillator een stroomstoot heeft gegeven die invloed heeft gehad op uw hartritme.
  • wacht tot de klachten van angina pectoris verdwijnen bij rust, de minste emotie of andere relevante uitlokkende factor.
  • één of meerdere beperkte myocardinfarcten heeft doorgemaakt met behoud van een goede hartfunctie en zonder ritmestoornissen.

U kan niet rijgeschikt worden verklaard voor een rijbewijs groep 2: rijbewijs C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D of D+ indien u:

  • een ingeplante defibrillator heeft.
  • een belangrijke beschadiging van het myocard heeft.
  • duidelijk aangetoonde letsels van een vroeger myocardinfarct vertoont.
  • duidelijk bewezen tekens van coronair lijden en hartfalen vetoont.